DALI protocol lighting
DALI protocol lighting: in bedrijf stellen en programmeren
Een DALI-installatie werkt niet direct na het aansluiten. Na de montage moet het systeem in bedrijf worden gesteld: apparaten krijgen een adres, worden in groepen ingedeeld en lichtscènes worden geprogrammeerd. Dit proces heet commissioning. Wie met DALI protocol lighting werkt, moet weten hoe deze stap verloopt, omdat ze bepaalt hoe goed het systeem uiteindelijk functioneert. Isolectra geeft een overzicht.
Adresseren en groeperen
De eerste stap bij DALI protocol lighting is het adresseren. Elk apparaat op de DALI-lijn krijgt een uniek kort adres tussen 0 en 63. Dat gebeurt meestal automatisch met behulp van een DALI-controller of software, die alle apparaten op de lijn zoekt en een adres toekent. Daarna moet worden vastgelegd welk adres bij welk fysiek armatuur hoort, zodat de installateur weet welk armatuur waar hangt.
Vervolgens worden apparaten ingedeeld in groepen. Een groep kan bijvoorbeeld bestaan uit alle armaturen aan de raamzijde van een kantoor, of alle armaturen in een gang. Per lijn zijn maximaal 16 groepen mogelijk.
Scènes en sensoren
Bij DALI protocol lighting kunnen per apparaat tot 16 lichtscènes worden opgeslagen. Een scène bepaalt het lichtniveau van elk armatuur, bijvoorbeeld voor een presentatie of voor schoonmaak. Daarnaast worden sensoren en bedieningselementen gekoppeld aan groepen, en wordt het gedrag ingesteld, zoals de nalooptijd en het gewenste lichtniveau bij daglichtregeling.
Een goede voorbereiding maakt het in bedrijf stellen veel eenvoudiger. Isolectra heeft typicals opgesteld voor DALI-sturing in kantoren en presentatieruimtes, waarin de opbouw al is uitgewerkt. Bekijk de typicals sensoren of de FAQ over DALI en KNX. Isolectra helpt u graag bij DALI protocol lighting.
Home Kennisbank DALI protocol lighting








